Update: Pseudo-eindheffing

UPDATE: Pseudo Eindheffing

Wat verandert er na de update van 21 juni 2026?

De invoering van de pseudo-eindheffing (boete op brandstofauto’s) blijft een van de meest besproken fiscale maatregelen binnen de zakelijke mobiliteitsmarkt. Werkgevers, leasemaatschappijen en zakelijke rijders bereiden zich voor op de nieuwe regels die vanaf 1 januari 2027 van kracht worden. De recente ontwikkelingen rond 21 juni 2026 laten zien dat het kabinet bereid is om op onderdelen tegemoet te komen aan kritiek vanuit de markt.

Wat is de lease pseudo-eindheffing?

Vanaf 1 januari 2027 moeten werkgevers een extra loonheffing betalen voor fossiele leaseauto’s die ook privé of voor woon-werkverkeer worden gebruikt. De heffing bedraagt 12% van de fiscale waarde (cataloguswaarde) van de auto per jaar. Deze belasting komt bovenop de bestaande leasekosten en staat volledig los van de bijtelling voor werknemers. De kosten mogen bovendien niet worden doorberekend aan medewerkers. De maatregel geldt voor benzine-, diesel- en hybride voertuigen. Volledig elektrische auto’s en waterstofauto’s zijn vrijgesteld van deze heffing.

Waarom voert de overheid deze heffing in?

Het doel van de maatregel is duidelijk: het versnellen van de verduurzaming van het Nederlandse zakelijke wagenpark. Door fossiele leaseauto’s duurder te maken voor werkgevers wil de overheid de overstap naar emissievrije mobiliteit stimuleren. De maatregel maakt onderdeel uit van het Belastingplan 2026.

De kritiek vanuit de markt

Sinds de aankondiging van de pseudo-eindheffing hebben werkgeversorganisaties, leasebedrijven en brancheverenigingen meerdere bezwaren geuit. Vooral de uitvoerbaarheid van de regeling leidde tot veel discussie. Een belangrijk kritiekpunt betreft werknemers die van werkgever wisselen. Door de nieuwe regels wordt het vaak onaantrekkelijk of zelfs onmogelijk om een bestaande leaseauto mee te nemen naar een nieuwe werkgever.

De update van 21 juni 2026

Op 21 juni 2026 werd duidelijk dat het kabinet op enkele punten bereid is de regeling te verzachten. Uit berichten die op 22 juni naar buiten kwamen blijkt dat er gewerkt wordt aan aanvullende uitzonderingen en een ruimere overgangsregeling. Daarbij wordt onder meer gekeken naar:

  • Vrijstelling voor vervangend vervoer: gedurende maximaal 14 dagen;
  • Een langere overgangsperiode voor bestaande leasecontracten: deze wordt verlengd tot 1 januari 2031;
  • Tijdelijk vervoer beperkt mogelijk zonder pseudo heffing: maximaal één keer per jaar voor maximaal 7 aaneengesloten dagen;
  • Specifieke uitzonderingen voor bepaalde sectoren, waaronder rijscholen.

Hoewel de kern van de maatregel overeind blijft, laat deze ontwikkeling zien dat de overheid oog heeft voor praktische bezwaren vanuit de markt.

Wat betekent dit voor werkgevers?

Voor werkgevers wordt 2026 een belangrijk voorbereidingsjaar. Organisaties met een groot aandeel fossiele leaseauto’s doen er verstandig aan om hun mobiliteitsbeleid tijdig te evalueren. Mogelijke acties zijn:

  • Versneld overstappen op elektrische leaseauto’s;
  • Herziening van autoregelingen;
  • Invoering van mobiliteitsbudgetten;

Onderzoek laat zien dat veel werkgevers nog onvoldoende voorbereid zijn op de invoering van de nieuwe heffing. Hierdoor bestaat het risico op onverwachte kosten vanaf 2027.

Conclusie

De pseudo-eindheffing blijft een ingrijpende maatregel voor werkgevers die fossiele leaseauto’s aanbieden. Hoewel de recente update van 21 juni 2026 wijst op enige versoepeling van de regels, blijft de hoofdboodschap onveranderd: de overheid wil zakelijke mobiliteit versneld verduurzamen. Voor werkgevers is dit het moment om strategische keuzes te maken. Wie tijdig anticipeert op de nieuwe regelgeving kan kosten beperken, administratieve verrassingen voorkomen en tegelijkertijd een toekomstbestendig mobiliteitsbeleid ontwikkelen.